Huiswerkbegeleiding is van belang voor de leerprestaties van kinderen. Het helpt om ouders die daar niet aan doen over te halen met een opvoedbonus, maar zo’n bonus ondermijnt de voorbeeldrol van ouders. Het is beter om de vooral heel arme ouders waar dit speelt, gewoon wat meer geld te geven, signaleert Sandra Phlippen.

Opvoeden gaat niet vanzelf. Goed opvoeden al helemaal niet. Ouders moeten bijvoorbeeld bereid en in staat zijn om mee te kijken met het huiswerk van hun kind. Die begeleiding blijkt erg belangrijk voor de leerprestaties en het belang hiervan overstijgt zelfs het belang van een gezin. Er zijn immers grote maatschappelijke en economische baten van investeren in de opvoeding en scholing van jonge kinderen. De vraag is alleen: hoe krijg je het voor elkaar dat ouders in gezinnen waar dat niet vanzelfsprekend is, toch begeleiding geven?

Experiment met opvoedbonus

Drie Amerikaanse economen probeerden uit of het zou helpen als ouders geld zouden krijgen in ruil voor het besteden van tijd aan school en huiswerkbegeleiding. Een soort opvoedbonus dus. Het experiment vond plaats bij gezinnen in een achterstandswijk in Chicago. De opvoedbonus bleek effectief, want kinderen presteerden er beter door op school. Maar hoe zit het met de relatie tussen ouder en kind? Wat doet het met een kind als zijn ouder betaald word voor het geven van aandacht? Wat belet een ouder eigenlijk om zijn kind te begeleiden met huiswerk?

Een andere studie, wederom in een achterstandswijk in Chicago, laat zien hoe kinderen reageren als ze merken dat een ander een financiële prikkel krijgt. “When incentives backfire” heet deze studie. Hier was de vraag of er naast het directe effect van de financiële prikkel ook een indirect effect is, veroorzaakt door het signaal dat het maken van een ‘goede’ keuze gekoppeld is aan een financiële vergoeding. Het zien van deze prikkel kan de voorbeeldfunctie van die goede keuze verpesten, concluderen de onderzoekers.

Ouders verliezen hun voorbeeldfunctie

Voor zover we een algemene conclusie kunnen trekken uit de twee experimenten, blijkt een opvoedbonus weliswaar de leerprestaties te verhogen maar de voorbeeldfunctie van goed opvoeden verdwijnt. Het kind ziet een ouder, voor wie het blijkbaar zo zwaar valt om aandacht te geven, dat daarvoor gecompenseerd moet worden. Ik kan me voorstellen dat een dergelijk signaal zelfs meer schade toebrengt dan schoolprestaties goedmaken.

De wijk Chicago Heights, waar het eerste experiment plaats vond, is een extreem voorbeeld. Een groot deel van de ouders in die wijk had toch al vrijwel geen aandacht voor de schoolloopbaan van hun kinderen. Er valt daar waarschijnlijk ook niet zoveel te verliezen en dus zou je kunnen zeggen: beter betaalde aandacht dan helemaal geen aandacht.

Achterstandswijken in Nederland zijn onvergelijkbaar met achterstandswijken in Chicago. Dat maakt het voor Nederland alleen maar belangrijker om voorzichtig te zijn met de bijeffecten van een opvoedbonus. Want naarmate ouders meer tijd aan onder andere het huiswerk van hun kinderen besteden, hebben zij ook een grotere voorbeeldfunctie en valt er dus ook meer te verliezen door zo’n opvoedbonus.

Zonder geld kost alles meer tijd

Zouden ouders niet op een andere manier aangemoedigd kunnen worden tot meer begeleiding van het schoolgaande kind? Om deze vraag te beantwoorden moeten we weten wat ouders drijft in hun beslissing om meer of minder begeleiding te bieden. Wat belet hen eigenlijk?

Als mensen veel moeite hebben om de eindjes aan elkaar te knopen, dan kosten al hun activiteiten ineens meer tijd en energie , weten we uit onderzoek. Om efficiënt met je tijd en geld om te gaan moet je namelijk vaak geld kunnen uitgeven. We weten bijvoorbeeld dat arme mensen een kans om het beter te krijgen met een relatief kleine investering aan zich voorbij laten gaan, omdat ze te druk zijn met het van dag tot dag rondkomen.

Huiswerkbegeleiding kun je ook zien als een kleine investering in een betere toekomst waar ouders in achterstandswijken misschien gewoon niet aan toekomen.

Het kan ook anders

Zou het ontbreken van aandacht voor huiswerk ook door geld-, en daardoor tijdgebrek kunnen komen? En zou dat niet betekenen dat je door gewoon wat extra geld te geven hetzelfde positieve effect zou kunnen bewerkstelligen? Namelijk: ouders die door dat extra geld ‘de handen vrij hebben’ om met hun kind te gaan zitten voor dat huiswerk? Het lijkt erop dat dit zo is.

Afgelopen maand verschenen de resultaten van een nieuwe Amerikaanse studie die de opmerkelijke effecten toont van het geven van geld aan ouders in arme gezinnen: kinderen scoorden hoger op allerlei vaardigheden die voor hun levensgeluk en professioneel succes belangrijk zijn. Ouders dronken minder alcohol en huwelijken waren beter.

Dit valt toch zeker te prefereren boven een opvoedbonus, die mogelijk het signaal met zich meebrengt van een intrinsiek ongeïnteresseerd ouderschap.

Sandra Phlippen is hoofdredacteur van het economisch vakblad ESB.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl